Bij de konijnen af

De dag dat wij in het huwelijksbootje traden, kregen we een wit dwergkonijntje in een hokje. Whitley kreeg hij als naam. Omdat ik zo’n klein hokje toch wat zielig vond, heb ik een ruim konijnenhok ontworpen en gebouwd. Het had een puntdak met dakleer, een dagverblijf en een nachthok; de wanden en vloer waren zelfs geïsoleerd. Een kant en klaar hok uit de dierenwinkel is duur, maar deze kostte uiteindelijk het veelvoudige. Daartegenover stond dat het jarenlang mee is gegaan en ruim anderhalf decennium later zelfs is overgegaan naar nieuwe eigenaren.
Whitley hield het tot ons verdriet nog geen twee jaar vol, maar al snel werd een opvolger gevonden: het dwergkonijntje Pluisje. Pluisje was een bijzonder lief konijn. Hij at netjes zijn brokjes, was tevreden met stro en een beetje hooi op de bodem van het hok, dronk netjes, was blij als hij in de tuin werd losgelaten en liet zich ook weer redelijk eenvoudig vangen. Verder deed hij zijn behoefte keurig in het daarvoor bedoelde bakje; je bevuilt immers niet je eigen nest. Pluisje bereikte de respectabele leeftijd van vijftien jaar en dat is volgens de geleerden ruim honderd jaar in vergelijk met de leeftijd van een mens.

Alweer jarenlang verzorgen wij een tweetal konijntjes uit de buurt, als de huisgenoten op vakantie zijn. Dat doen we met veel plezier en het zijn echt bijzonder lieve konijntjes, die er met hun wilde haren ook nog eens reuze koddig uitzien.
Was de verzorging van Pluisje uiterst eenvoudig, voor deze konijnen kregen we een hele waslijst aan instructies; het scheelde niet veel of we werden naar een driedelige avondopleiding gestuurd. Tijden veranderen, maar gelukkig wisten wij het met onze ervaring toch te beperken tot een uitgebreide instructie. Jaarlijks krijgen we overigens wel een opfrisinstructie, want niets is zo veranderlijk als het verzorgen van konijnen.
Kortweg zijn er enkele waterpunten, houtsnippers op de bodem, stro voor dit en hooi voor dat, voer hier en versgesneden groenten daar. Uiteraard zijn de diertjes uiterst kieskeurig, dus de groente moet wel bij een supermarkt van één bepaalde keten worden gekocht.
Van de week trof ik blij verrast witlof in onze koelkast aan en het water liep mij al in de mond bij de gedachten aan het avondeten. Helaas, te vroeg gejuicht. Deze witlof was voor de konijnen bedoeld; het is toch bij de konijnen af.
Ze hebben ook een konijnentoilet, maar houden dat reuze proper. Ze doen hun behoefte er gewoon precies voor, want het konijn van nu laat zich niet dwingen. Het deurtje van het hok moet ’s morgens vroeg open, waardoor ze vrij hun rennetje in en uit kunnen lopen, en ’s avonds laat dicht. Het openingsuur verzorgen wij ’s morgens rond en uur of zeven en dan zitten ze al ongeduldig voor de deur te wachten. Van de week waren wij één dag een uurtje later, waar het tweetal niet van gediend leek; hun stenen voerbak was van de bovenverdieping pardoes naar beneden op de tegels geknikkerd, zodat het in twee delen werd aangetroffen. Ik heb ze wel even laten weten dat wij voor deze ene keer een nieuw bakje voor ze hebben aangeschaft, maar dat ze bij herhaling in het vervolg maar lekker van de vloer eten. Zijn ze nou helemaal van de pot gerukt! Nu ik het zeg, hoe zal een stoofpotje met…

Vorig jaar kregen we vanuit onze familie het verzoek of een konijntje mocht logeren, waardoor we ditmaal voor een drietal konijnen mochten zorgen. De nieuweling bleek een binnenkonijn te zijn en zo stond er op een goede dag een hok bij ons in de kamer.
Ook dit konijn zag er lief uit en had hetzelfde koddige uiterlijk als de twee exemplaren uit de buurt. Dat schijn echter bedriegt bleek al gauw; het was gewoon een pitbull in konijnenkleren! Lieten we het beestje de eerste dag even los en kwam het ook nog eens lekker op de bank liggen, waar het zelf opwipte, al snel leek het bezeten door de duivel. Als we voer en water in het hok wilden verversen gromde het hevig en vloog met ontblootte tanden op je hand af. Het resultaat was dat we uiteindelijk alleen met werkhandschoenen deze handelingen durfden te verrichten en het de rest van de oppasperiode in het hok lieten zitten. Wat een vals kreng was dit vrouw(tje). We wisten dan ook nog niet dat onze voorgangers subiet hadden geweigerd om nogmaals op dit konijn te passen, maar wij behoren ondertussen tot dit selectieve rijtje.

Dit jaar bestieren we wederom een konijnenoppas. De instructies voor het tweetal konijntjes uit de buurt zijn licht aangescherpt, en in onze woonkamer staat nu een binnenkooi met twee puberkonijntjes die in het dagelijks leven een appartement bewonen. In onze tuin staat een ren waarin het tweetal zich lekker uit mag leven. Deze konijntjes wonen normaal gesproken bij familieleden van ons en zijn ook werkelijk reuze lief. Wat dat betreft kunnen we absoluut geen kwaad spreken over de vier konijnen waar we op dit moment zorg voor mogen dragen.
Het ene exemplaar is sinds kort een “jeweetwel-konijn”, het andere een vrouwtje. Ik vertrouw erop dat ze dit nu nog niet te horen krijgt, maar eerdaags gaat ook zij voor de bijl.
Buiten in onze tuin zitten ze samen in de ren en ze vermaken zich daar opperbest. Het vreemde is wel dat het vrouwtje regelmatig op het mannetje repelt, echter niet op zijn achterkant, maar op zijn hoofd. Misschien is het gewoon be…piep…, maar ik heb het mannetje nog geen haartjes tussen zijn tandjes uit zien spugen.
In de kooi in de kamer zitten ze gescheiden door een wandje van grof gaas. Ze snuffelen en likken lief aan elkaar en slapen zelfs tegen elkaar aan, met het wandje er veilig tussen. Het leek ons na een week oppassen een goed idee om dat wandje te verwijderen, met name omdat het in de ren buiten zo goed samen ging.
Na een middag en avond gezellig in de ren werd eerst het vrouwtje in het binnenhok gezet. Ze huppelde vrolijk door het ineens dubbel zo grote hok. Vervolgens zetten we het mannetje erbij en gezamenlijk voerden ze een rustige verkenning uit.
Ik liep gerustgesteld weg, maar hoorde ineens een hevig geraas vanuit de kamer en werd al snel teruggeroepen door mijn vrouw. Het vrouwtje raasde als een bezetene rond in de kooi, alsof ze karbiet in de kont had gekregen; het mannetje was er duidelijk zenuwachtig van. Hoopte ik nog even dat ze snel uitgeraasd zou zijn, niets bleek minder waar. Gelukkig had ik het gaas voor de zekerheid nog aan één kant vast laten zitten, waardoor we het met enige moeite voor elkaar kregen om beide konijnen van elkaar te scheiden. Voordat we het wisten zaten ze elkaar weer te likken en lagen ze even later knus tegen elkaar aan, gescheiden door gaas. Wonderlijke dieren.

Pluisje, wat was het leven met jou toch nog eenvoudig. Rust in vrede oude vriend.
Bij de konijnen af

Over Left RedEye

De meeste RedEye blogs zijn geschreven naar aanleiding van gebeurtenissen die ik meemaak. Verder zijn er blogs geschreven als reactie op iets dat mijn zintuigen hebben waargenomen, vanuit een gedachtekronkel of gewoon om iets uit te proberen. Als ik het gevoel heb dat het creatief omgaan met de waarheid het verhaal ten goede komt, dan zal ik dat niet nalaten. Mocht je jezelf herkennen in een verhaal, maar staat het verhaal iets anders in je geheugen gegrift, dan kan dat kloppen. Om deze reden zijn de meeste verhalen volledig anoniem gelaten. Ik schrijf blogs omdat ik het leuk vind, ik pretendeer zeker niet een schrijver te zijn. Personen of groepen beledigen is beslist niet mijn intentie, hoewel ik niet altijd kan voorkomen dat er mensen zijn die zich wellicht aangesproken voelen. Het plaatsen van letters en leestekens in volgorde van deze verhalen gebeurt onder het motto: "Zo, dat ben ik ook weer kwijt."
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s