Onderzoek: Van wie is de keutel

Een olifant en een muis zitten in een hermetisch afgesloten hok. Er ligt een gigantische keutel in dat hok, maar niemand heeft gezien hoe die keutel daar is gekomen.
Voor een weldenkend mens is het evident, maar de overheid stelt een grondig (en uiteraard uiterst duur) onderzoek in. Uitkomst: Het is van de olifant.

Het verbaast mij ondertussen in het geheel niet meer wat de overheid allemaal laat onderzoeken. Zo bleek uit onderzoek dat het verkeer drastisch was toegenomen sinds de lockdown tijdens een coronagolf.
Eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat ik sinds vrijdag 13 maart 2020 thuis werk, derhalve veel minder onderweg ben, en daarom niet kon putten uit dagelijkse waarneming. Als ik echter een eind ging fietsen of hardlopen, dan zag ik met eigen ogen en zonder enige vorm van twijfel dat het verkeer weer flink was toegenomen.

Bij Tata Steel blijkt nu uit onderzoek dat er veel meer (uiterst kwalijke) uitstoot is dan volgens de rekenmodellen het geval zou zijn. Dat rekenmodellen met grote regelmaat een florissanter beeld geven dan het volgens de werkelijkheid is, dat verbaasd nagenoeg niemand meer. Zeker als de betreffende bedrijven of de overheid opdrachtgever zijn. Neem Lelystad Airport en Schiphol maar als recente voorbeelden; min of meer de slager die zijn eigen vlees keurt. Hetzelfde geldt voor het in verhouding grote aantal mensen met een ernstige ziekte, letterlijk onder de rook van Tata Steel. Onderzoek moet dan eerst wel even aantonen dat er een relatie met die uitstoot bestaat.

Met alle respect – nou ja, eigenlijk helemaal niet met respect – maar dit soort onderzoeken is vergelijkbaar met het onderzoek naar de keutel.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

De Nachtwacht

De houten lijst van De Nachtwacht wordt vervangen door een aluminium lijst. Dat wist ik al. Zojuist hoorde ik de reden: aluminium werkt niet.

Hierbij moest ik denken aan hout dat niet werkt, hetgeen ik altijd heb beschouwd als een – al dan niet wat flauw – mopje. Het niet werkende hout (b)lijkt echter echt te bestaan.

‘Waar komt aluminium eigenlijk vandaan?’, vroeg ik me af; ik had daadwerkelijk geen idee.  Aluminium komt inderdaad uit het land van het niet werkende hout…🇸🇷

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Gedrukt

Op mijn fiets gezeten stond ik voor een verkeerslicht te wachten. Iemand stopte naast me.
‘Heb je al gedrukt?’, klonk een wat schelle vrouwenstem uiterst onvriendelijk.

Ik keek haar aan, maar kende haar niet. Volgens mij hebben we nooit samen gespeeld, dus ik had u wel netjes gevonden; ben ik eindelijk een beginnend oude lul, tutoyeren ze nog steeds.
Ze leek me een zuurpruim.

Ook al wist ik dat daar een detectielus in het fietspad zat, ik had inderdaad toch op het knopje gedrukt; macht der gewoonte. Waarom zou ik deze informatie met haar delen?
Ik keek naar haar zure, ongeduldig afwachtende gezicht en vertelde haar dat ik gisteren tweemaal was geweest en vandaag daarom niet hoefde.

Ze sloeg me uiterst vreemd gade en het groene licht sprong aan. Niet dat die twee dingen iets met elkaar te maken hebben, maar het gebeurde nu eenmaal gelijktijdig.
Snel trapte ik mijn pedaal naar beneden en nam zo een voorsprongetje. Het duurde echter niet lang voordat ze me pinnig, mij geen blik meer waardig keurend, voorbij kwam stuiven op haar elektrische fietsje. Stiekem hoopte ik dat ze onderweg was om een dito stoel te kopen.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Superbooster

Tweede kerstdag was ik aan de beurt voor mijn boosterprik, in het laatste uur van de ochtend. Dat kwam mooi uit, daar wij die morgen mijn schoonvader bezochten die op nog geen kilometer van het prikpunt woont. Die middag gingen wij de tweede verjaardag van onze kleindochter vieren.

Mijn zwager en schoonzus waren die morgen al voor zeven uur geweest en moesten aansluiten bij een behoorlijke wachtrij. Toen ik aansloot stonden er nog geen tien personen voor me, en ik was dan ook snel aan de beurt. De prikker was een man, die ik wat ouder dan mijzelf inschatte.

Mijn eerste twee coronaprikken werden door dames gezet, waarbij ik het prikje achtereenvolgens niet en nauwelijks heb gevoeld. Er verscheen in beide gevallen nog niet een speldenprikje bloed, dus ik werd beide keren niet voorzien van zo’n koddig vierkant pleistertje. Na de eerste prik bleek mijn arm iets stijf, hetgeen ik pas opmerkte toen mijn vrouw uren later vroeg of ik last van de prik had. Die nacht was het ook wat lastig om op de prikarm te liggen. Maar, dat was alles en ik heb in die zin dan ook weinig plezier van mijn prikjes gehad. Na de tweede prik heb ik zelfs niets gemerkt.

Ditmaal trof ik dus een man. Hij vroeg naar mijn geboortedatum, die ik hem verried en daarop aanvulde dat ik enkele weken na de overwinning van Reinier Paping ter wereld ben gekomen.
Enthousiast begon hij te vertellen dat zowel hij als zijn vrouw op hun verjaardag een Elfstedentocht hadden voltooid, volgens mij hij in 1986 en zij 1997. Sowieso een mooie prestatie, maar in hun geval ook een extra bijzondere. Volgens zijn zeggen zijn zij het enige echtpaar die dat op hun verjaardagen hebben gepresteerd. Daar kan ik me wel iets bij voorstellen. Zo hoor je nog eens wat bij het halen van een prikje.

Ondertussen was hij met het spuitje in de weer. In tegenstelling tot de voorgaande twee keer voelde ik het nu een stuk beter. Pijnlijk is een groot woord, maar gevoelloos was het zeker niet.
‘Oei.’, zei hij vervolgens. Ik keek en zag een straal bloed al tot aan mijn elleboog lopen. Dat dit zo snel kon na een prikje met zo’n klein naaldje verbaasde me enigszins. ‘Nou, die doet het nog goed.’, zei ik, terwijl de man met een klein gaasje probeerde om het bloedbad weg te vegen. Met een tweede slaagde hij er in, en plakte snel een pleistertje op het prikpunt; zo’n koddig vierkant pleistertje die ik van beide dames niet kreeg.

Je zou kunnen denken dat het aan het verschil van Pfizer en Moderna ligt, of het verschil tussen mannen en vrouwen. Volgens mij komt dat laatste het meest in de buurt, in de zin dat deze man twee dingen tegelijk deed. Ten eerste het enthousiast vertellen over de Elfstedentocht en ten tweede het wat ongelukkig zetten van de prik. Tja, het talent van mannen ligt niet bij het doen van twee dingen tegelijk, zeker als je het aan dames vraagt.

Klagen dat ik weinig plezier van deze derde prik heb gehad hoef ik in ieder geval niet. Veel last heb ik er niet van; het voelt eigenlijk alleen als een beste blauwe plek. Vanmorgen, vier dagen later en op de dag dat mijn vrouw haar booster mag halen, ontdekte ik dat dit wel kan kloppen. Tijdens het scheren keek ik wat beter wat dat net zichtbare eigenaardige gekleurde randje nou eigenlijk was die ik net ervoor op mijn arm ontwaarde. Toen ik iets bijdraaide zag ik dat een beste blauwe plek mijn bovenarm siert, met een krasje net onder het midden, als een mooie herinnering aan de tweede corona tweede kerstdag.

Wat ik me nu wel afvraag of de inhoud van het spuitje in mijn arm is blijven zitten, of er tegelijk met het bloed is uitgestroomd. Geen idee eigenlijk. Wel kan ik de bewering van een wappie die mij onlangs nog vertelde dat mijn bloed na de twee vaccinaties aan het klonteren is met zekerheid ontkrachten.

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , | 4 reacties

Koiboi

Onlangs gaf een collega een presentatie. Tijdens die presentatie kwam een gefingeerd adres in beeld, met als naam voor de geadresseerde: D. Cowboy. Hij sprak de achternaam echter niet als “kauw-boi” maar als “koi-boi”.

‘Aaaah!’, ontlokte dit als reactie van een toehoorster, tevens een tikkeltje lachend uitgesproken. Wat zijn uitspraak bij haar losmaakte weet ik niet precies, maar ze vond het zo te horen aandoenlijk en koddig.

Bij mij ontlokte het een soortgelijke reactie, al was het niet hardop, maar zeer waarschijnlijk wel non-verbaal zichtbaar. De reden was hoofdzakelijk omdat het mij terugbracht naar mijn jeugd waarin ik veel koi-boitje en indiaantje heb gespeeld.

Dat cowboy voor koeienjongen stond, daar had ik geen flauw benul van, evenals de andere kinderen waarmee dit spel werd gespeeld.
Het was de tijd ver voor sociale media en het te pas en te onpas gebruik van Engelse woorden in onze mooie taal; Engels was nog maar mondjesmaat te horen op de televisie. Kids werden toen nog gewoon kinderen genoemd, zelfs nog aangeduid als jongens en meisjes. Ook meisjes waren gewoon koi-boi of indiaan, al naar gelang het uitkwam en waar de bijeen gesprokkelde kleding het meest op leek. Tegenwoordig is het dankzij de woke-beweging “not done” om dit spel te spelen, zelfs niet als de meisjes koi-kurl worden genoemd.

Tja, een halve eeuw geleden zag Nederland er toch heel anders uit.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Prinses

Ruim zesendertig jaar geleden was het een ontluikende liefde, en bijna net zolang ben ik al gek op mijn meisje, oftewel mijn vrouw. Zij wordt ook nog steeds gek van mij.

Na zoveel jaar ken je elkaar onderhand van haver tot gort, maar toch vroeg ik me onlangs af: Is ze mijn prinsesje? Nu heb ik ergens gelezen dat daar een eenvoudige test voor bestaat: een erwt onder haar matras. Voelt ze ‘m, dan is ze een prinses.

Een erwt had ik niet zo snel bij de hand, maar wel een deurstopper die er wat op lijkt. Het is ook een groene bol, maar wel enigermate groter dan een groene erwt. Om het haar niet al te lastig te maken, maar ook vol vertrouwen, besloot ik deze “erwt” niet onder haar matras te leggen, maar onder haar kussen.

De “erwt”

Ze ging die avond iets eerder naar boven dan ik. Toen ik de slaapkamer betrad, lag ze rustig te lezen. Ze zei niets over het voorwerp dat ik onder haar kussen had gelegd, maar ze moest het toch gevoeld hebben? Ik keek op de plek waar dat ding normaal lag, maar zag een lege plek. Ik keek achter het bed, maar trof het daar ook niet aan. Onder mijn kussen lag het ook niet en evenmin onder mijn dekbed.

‘Wat doe je?’, vroeg ze, opkijkend van haar e-reader.
’Heb je niets gevoeld?’, vroeg ik vol verwachting.
’Wat zou ik gevoeld moeten hebben?’
‘De erwt onder je kussen.’

Ze tilde het kussen op, en daar lag de deurstopper. Ze schoot in de lach vanwege het feit dat ze het niet gemerkt had, en maakte een opmerking in de trant van: ‘Alleen jij kan zoiets bedenken.’
’Ik heb het gelezen in een boek, maar ik denk dat jij geen prinses bent.’

Later bedacht ik me dat ze het waarschijnlijk wel in de gaten zou hebben gehad als ik het onder twintig matrassen op haar bed had gelegd, maar waar haal ik zoveel matrassen vandaan?

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Op de brommer

We hebben van de week enkele nachten in een hotel overnacht, en daar ook ontbeten. Al gauw viel het me op dat veel van de aldaar ontbijtende mannen met de brommer waren gekomen. Waarschijnlijk reden ze op een Kreidler of een Zündapp, of wellicht op een Puch met zo’n hoog stuur. Deze aanname deed ik op basis van hun geschatte leeftijd.

Op de brommer is het toch wat frisser dan in een auto, dus het kacheltje moet flink worden opgestookt. Dat deden deze mannen dan ook stuk voor stuk, door middel van een tot de rand volgeladen ontbijtbord die toch al niet van bescheiden afmetingen waren.

Hoe wist ik dat deze mannen op de brommer waren? Nou, dat zag ik aan de helm die ze onder hun trui of blouse verborgen hadden.

Wel vroeg ik me af waar die brommers geparkeerd werden, want vóór het hotel stonden ze niet.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Lichtvoetig

Vroeger had ik het beeld dat meisjes lichtvoetig waren, een soort hindes in de wei. Later kwam ik erachter dat er heel wat dames zijn die stampen als een grote kerel. Zelfs ballerina’s die toch bijna lijken te zweven,  landen met een flinke plof, zo heb ik ooit vanaf de eerste rij mogen waarnemen. Al met al is dit ook wel logisch, ik had toch een wat al te geromantiseerd beeld.

Wij overnachtten in een hotel. Iets over half zeven werd ik wakker van een constant geknots. Iemand met hakken liep door een kamer grenzend aan de onze. Het bleef niet bij één keer heen en weer lopen. Tak, tak, tak. Tak tak tak. Waarschijnlijk liep ze, het moet haast wel een dame op hakken zijn geweest, heen en weer tussen haar schilderdoos en de spiegel. Er viel heel wat te verhullen, afgaande op het grote aantal keren dat ze heen en weer stampte. Waarom niet gewoon op kousenvoeten? Misschien was haar naam Remi, dan hoef je geen rekening met anderen te houden.

Iets voor zevenen hield het op na het dichtvallen van een deur. Ze had blijkbaar voor het ontbijt van zeven uur gereserveerd. Zal ze in één keer haar ontbijt op haar bord hebben geladen, of ook daarvoor meerdere malen heen en weer zijn gelopen?

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Een parasolletje met een boodschap

Met ons hele gezinnetje uit eten, het gebeurt niet zo vaak. Zoon en dochter verlieten nagenoeg gelijktijdig het ouderlijk huis en leiden nu hun eigen leven. Gisteren hadden we afgesproken bij Erve Brooks in Gelselaar, een Gelders dorp aan de grens van Overijssel.

Samen met mijn vrouw waren wij al enkele uren voor de afgesproken tijd op deze locatie. Het was lekker weer, dus een mooie gelegenheid om nogmaals klompenpad Boereneschpad te wandelen. Voor mij daadwerkelijk de tweede keer, voor mijn vrouw de herkansing. Nu maar voor de tegengestelde richting gekozen dan de vorige keer dat we Boereneschpad bezochten; het zonnetje scheen wederom heerlijk, maar niet zo ongenadig als destijds. We hebben het nu dan ook beiden met succes afgerond.

Om half vijf hadden we afgesproken, tien over vier kwam wij terug van de wandeling. Op het erf liepen we onze zoon, schoondochter en onze kleindochter tegen het lijf. Enkele minuten later kwamen onze dochter en haar man de parkeerplaats opgedraaid. Nog even beestjes kijken met de kleine, en best hongerig aan tafel voor een pannenkoek. Men had ons bedacht in de nostalgische oude woonkeuken, zo neem ik aan, van de oude boerderij. Een perfect plekje om met z’n zevenen te zitten.

Mijn vrouw en ik hadden de keuze al snel gemaakt, met een Oma’s pannenkoek (appel en boerenjongens) en een Opa’s pannenkoek (worst, spek en schroam). Enige twijfel had ik wel, omdat ik geen idee had wat schroam is; in het Apeldoorns dialect komt het niet voor. Het klinkt een beetje als een verbastering voor schoam hoar, hetgeen dan waarschijnlijk van een varken zou zijn geweest. Het waren kaantjes.

Gelukkig hadden deze pannenkoeken normale afmetingen; vulden de maag goed, maar er bleef nog een gaatje over voor een toetje. Net als de voorgaande keer gingen mijn vrouw en ik voor de Coupe van ’t huis (met boerenjongens en advocaat). Dat mag als opa en oma hè! Onze kleindochter kreeg een kinderijsje, dat meer diende als kleitafel dan als dessert.
Schoonzoon koos voor een sorbet, maar trok al snel een hoofd als een ….. euh …. oorwurm. De oorzaak was een oorwurm die zich in zijn ijs bevond. Hij moest er niet aan denken om het verder te verorberen, waarbij het mij niet duidelijk was of het hem om de oorwurm op zich ging, of het feit dat het beestje de laatste adem had uitgeblazen. In het laatste geval zou natuurlijk de sorbet de oorzaak kunnen zijn. Even later had hij een nieuw exemplaar voor zijn neus staan; althans dat hoopte hij, want het leek volgens hem sterk op het voorgaande exemplaar.

Op het kinderijsje stond een parasolletje. Niet bijster bijzonder natuurlijk. Toch bevatte dit parasolletje een verborgen geheimpje waarvan ik niet op de hoogte was. Onze zoon vroeg: ‘Weet je dat er een strookje met een Chinese tekst in het parasolletje zit?’ Nee, dat wist ik niet en ik wist ook niet of ik het moest geloven. Soms is hij net zijn v… moeder, die ook nog wel eens iets weet te fantaseren.
Hij trok het stokje uit het parasolletje en vervolgens het rolletje papier dat om het stokje had gezeten. Voorzichtig pulkte hij het los en rolde het uit. Vermup zeg, er stond inderdaad een niet leesbare tekst in, in de vorm van – zo te zien – Chinese leestekens.

Een briefje met een gelukswens?

Het leek ons evident dat deze tekst een gelukswens zou bevatten, zoals in een gelukskoekje. Google translate maakt er het volgende van:
Het onderwijsmanagementteam van de cursusevaluatie-activiteiten dringt aan op “onderwijsvragen”

Tja….. Zo heb je de volgende keer in ieder geval wat te doen na het eten, waarbij er natuurlijk wel iemand moet kiezen voor een dessert dat voorzien is van een parasolletje.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Blikseminslag

Donderdagavond fietste ik naar de atletiekvereniging en arriveerde daar ruim op tijd. Zo had ik nog lekker gelegenheid om wat bij te komen, bij te kletsen, en de laatste voorbereiding voor de training van 19:30 uur.

Rond 19:15 uur sprak ik met de trainer over een ons goed bekende atleet die meedeed aan de Diamond League in Zürich. De trainer bleek het stadion goed te kennen. ‘Als je bij het stadion aan komt lopen en er naar binnen gaat, dan kom je bovenaan de tribunes het stadion binnen.’, vertelde hij. Hij bleek daar een keer noodweer mee te hebben gemaakt, waarbij het stadion ontruimt diende te worden. Daar ik gezien zijn omschrijving van het stadion een soort verzonken badkuip voor me zag, vroeg ik: ‘Omdat het vol water liep?’

Hij keek me aan, liet het niet blijken, maar vond het waarschijnlijk toch een beetje domme vraag. Was het ook trouwens, maar ik wist zo direct geen betere reden te verzinnen.
‘Nee, er dreigde onweer en als de bliksem in één van de masten slaat, dan is het levensgevaarlijk in het stadion.’
Ook bij onze atletiekvereniging dient het terrein verlaten te worden als onweer dreigt, zo vertelde hij, hetgeen ik mij eerlijkheidshalve niet bewust was gedurende de ruim achttien jaar dat ik er vertoef en er heel wat regendruppels heb opgevangen. Echt onweer heb ik overigens nooit “op de baan” meegemaakt, dus er was in mijn aanwezigheid nooit noodzaak tot ontruiming.

Zaterdagmorgen las ik de krant, en zag het volgende kopje: Blikseminslag ‘domme pech’
Het bleek dat voetballers van Victoria ’28 en FC Aramea, wie kent ze niet…, uit Enschede tijdens de training een blikseminslag in het voetbalcomplex mee hadden gemaakt. Overigens niet een inslag die ze aan hadden kunnen zien komen, maar uit eigenwijsheid hadden genegeerd. Nee, deze inslag kwam als een donderslag bij heldere hemel en bleek in die zin best bijzonder en zeldzaam, dus gelegenheid tot ontruimen was er niet geweest.
Alhoewel er wel een gewonde viel, liep het op zich met een sisser af. Deze inslag was donderdagavond om 20:45 uur, dus anderhalf uur nadat onze trainer een dergelijk scenario had geschetst.

Bij onze zaterdagmorgentraining, waar ik ook weer mooi op tijd aan was komen fietsen, kon ik de trainer dan ook meedelen dat hij wellicht toch een soort van voorspellende gave had. Toevallig was het in ieder geval wel.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen