High beer was niets teveel gezegd.

“Een high beer is echt wat voor jou!” Dat heb ik al diverse keren te horen gekregen, maar ik had de stoute bierschoenen nog nooit aangetrokken.

Wij hadden een weekendje uit naar het hoge noorden op de planning staan. Terugdenkend aan de high beer tips, besloten wij daar toch eens voor te gaan. Met wat zoekwerk vond ik een etablissement op loopafstand van ons onderkomen, waarvandaan de terugweg zelfs al slingerend nog prima te doen zou zijn. Ook stond de high beer voor een best aantrekkelijke prijs op de site aangeprezen en zag het er ook nog eens aantrekkelijk uit.

Ik belde het nummer dat op de site vermeld stond en kreeg een wat stug klinkende noordeling aan de lijn. Toen ik aangaf dat ik graag voor een high beer wilde reserveren, vroeg hij: “Wat is uw lengte?”
Deze vraag had ik niet direct verwacht, maar ik antwoordde met enige twijfel toch naar waarheid: “Eén meter drieëntachtig.”
“Kom je alleen?”
“Nee, samen met mijn vrouw.”
“O, dan ben jij zeker de langste.”, zei hij. Hij wachtte niet eens op mijn antwoord, maar had het bij het rechte eind.
Alhoewel wat stug, onvriendelijk klonk hij niet. Vanwege de, in mijn ogen, vreemde wending in het gesprek, overwoog ik even om de hele reservering maar af te blazen. Ik deed het niet.

Na een leuke eerste dag van ons weekendje, rustten we even uit op onze kamer, fristen ons op en togen naar het eetcafé. Het bleek een echt bruin café, waar we op dat moment de enige klanten waren. We werden verwezen naar een keurig tafeltje, waar we de vraag kregen wat onze biersmaak was. Hierop volgde een suggestie voor de biertjes die we zouden kunnen drinken en we besloten om deze suggestie te volgen.

Niet veel later stond er een mooi tableau met warme en koude hapjes op tafel, waar wij met z’n tweeën zeer beslist voldoende aan zouden hebben. “Uw eerste biertje staat ook klaar.”, vertelde de waard en wees naar een klein schapje boven ons hoofd. Niet begrijpend keken wij hem aan.
Ik stond op, zag inderdaad een tweetal biertjes staan en constateerde dat ik er niet bij kon.
“Het is niet de bedoeling dat u gebruik maakt van het meubilair, als u uw biertjes wilt pakken.”, vervolgde de waard. Ik herkende de stem van de persoon die ik ook bij het reserveren aan de telefoon had, maar nu zei hij ineens u tegen mij.
“Hoe moeten wij onze biertjes dan pakken?”, vroeg ik en meende direct een twinkeling in zijn ogen te zien.
Onze gastheer wees op een bordje: “Our price is low, but it is a high beer.”, stond er in een sierlijk handschrift op geschreven. Daar was inderdaad geen speld tussen te krijgen.

Ik keek nog eens goed en zag dat er verticaal een smalle gleuf van onder het schapje tot net boven onze tafel liep. Precies ernaast hing een muntautomaatje.
“Voor een dubbeltje kunt u de biertjes tien centimeter laten zakken.”, volgde de uitleg.
Wij keken in onze portemonnee en hadden precies één muntje van tien eurocent.
“Dat is geen dubbeltje meneer.”
Ik keek hem vast en zeker heel dom aan toen hij vervolgde dat wij de benodigde dubbeltjes ook bij hem konden verkrijgen: “Een echt ouderwets dubbeltje voor tien eurocent. U kunt ze gewoon pinnen hoor.”

Vijf dubbeltjes bleken voldoende om de biertjes zover laten zakken dat wij onze biertjes konden bemachtigen. Er was hoogstwaarschijnlijk rekening met de opgegeven lengte gehouden, want de beginstand van het schapje kon nog een flink stuk hoger.
Met vier speciaalbieren per persoon, keurig in bijbehorende glazen, hadden wij voor twee euro aan dubbeltjes klaar kunnen zijn. Wij lieten de volgende biertjes echter zover zakken, dat wij ze al zittend konden pakken; het was zo’n vreemde gewaarwording, dat we er bijna de slappe lach van kregen. Helemaal uitsluiten dat het de uitwerking van het bier was kunnen we overigens ook niet.

Het werd een fantastisch gezellige avond, waarop we volop genoten van de hapjes, het bier en de gezelligheid in het café.
Kijk eens op de kaart van Eetcafé Kletsproat als je dit ook eens zou willen beleven.

Advertenties
Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Met een dubbel gevoel naar VVAL 2018.

Vrijdagmorgen stond ik iets over zessen op en maakte me klaar voor de laatste werkdag van de week. Het enige dat ik voor het weekend op de planning had staan was een bezoek aan Star Wars: Episode VIII – The Last Jedi, op zaterdagavond, samen met twee neven.
In de loop van de morgen kreeg ik een appje met de mededeling dat we vanavond wellicht naar ‘De Vrienden van Amstel LIVE!’ zouden gaan en rond 15:00 uur vernam ik dat dit ook daadwerkelijk het geval zou zijn.

Alhoewel ik VVAL in de loop der jaren al meerdere malen op tv heb gezien, had ik nooit zo’n behoefte om er heen te gaan. Zelf zou ik er dan ook geen kaartjes voor hebben gekocht, met name vanwege het feit dat ik een soort van Hollandse hits festival voor ogen had met artiesten die soms net iets te leuk willen zijn. Wellicht begrijp je al dat ik VVAL de laatste jaren niet meer heb gevolgd.

De reden dat we er zo plotseling heen gingen voelde voor ons meer dan dubbel. Onze dochter en zoon hadden, samen met hun partners, al zeer geruime tijd terug kaartjes weten te bemachtigen. Helaas moest onze zoon gisteren besluiten om toch niet te gaan. Dit vanwege een kortgeleden geopenbaarde chronische ziekte, waarmee hij nog moet leren zo goed mogelijk om te gaan. Dat doet een vaderhart natuurlijk pijn en dan zal ik het maar niet hebben over het moederhart (en ook het zusterhart trouwens).

Pas rond 18:00 uur vertrokken wij richting Rotterdam. Wonder boven wonder verliep de reis vlekkeloos en was er meer dan voldoende ruimte op P1, vlak naast Ahoy. We zaten voor het begin van de show, keurig voorzien van een drankje, op onze plaatsen op de tribune. Ik probeerde te ontdekken waar het podium was, maar kwam er gaandeweg achter dat ‘het podium’ een wat kortzichtig beeld bleek te zijn.

Pas in de loop van de avond kwam ik er achter dat het dit jaar een speciale editie zou zijn, te weten de twintigste. Op de site valt te lezen: “Recordaantal artiesten op jubileumeditie”.
Het was dan ook een komen en gaan van een keur van artiesten. De meesten had ik al her en der eerder mogen aanschouwen, maar niet in een samenstelling als deze avond.

Naast mij bevond zich een jong stel, qua omvang al prima passend bij het grootste deel van onze landgenoten. De man, direct naast mij, zal volgend jaar qua zangcapaciteiten beslist niet op het podium staan, alhoewel hij het maken van geluid prima vol wist te houden. Ook zijn ritmegevoel liet hem op dramatische wijze in de steek. Hij klapte op vele wijzen mee, behalve in de maat. Hij was zelfs niet in staat om op de maat heen en weer te wiebelen, met als gevolg dat wij elkaar regelmatig “ontmoeten”. Met hun gezamenlijke omvang namen ze ook een deel van mijn plaats in, maar gelukkig hadden mijn vrouw en ik samen wat minder ruimte nodig.

De podia kwamen op de meest onverwachte plaatsen tevoorschijn. Ze daalden neer vanuit een fraaie constructie aan het plafond, zweefden door de zaal en vlak voor onze neus stond Spike ineens te spelen en bracht Jacqueline Govaert daar even later op prachtige wijze ‘I would stay’ ten gehore, zichzelf op de bekende wijze begeleidend op de piano.

Het zou te ver gaan om ieder optreden te beschrijven. Om toch even wat te noemen, waarbij ik meteen anderen tekort doe:
– Armin van Buuren was fantastisch;
– Kensington was fantastisch;
– DI-RECT was fantastisch;
– Xander de Buisonjé was er ook; ;-)
– Paul de Leeuw vloog over zijn regenboog;
– Diggy Dex, Kraantje Pappie, Gers Pardoel, Brainpower en Lil’ Kleine traden afwisselend en samen op en brachten de stemming er goed in;
– Zoutelande was een sterk staaltje BLØF.

Marco Borsato was uiteraard ook aanwezig en bracht onder andere ‘Rood‘ ten gehore. Dit was toepasselijk bij de toch al rode aankleding van de zaal en mijn rode oog paste dan ook naadloos bij deze avond. De vorige keer dat ik Marco in Ahoy zag, speelde hij nog voor vallende ster; hij viel plat voorover van het drumpodium. Deze avond deed hij het bijna dunnetjes over, toen hij struikelde op de bar.

Hoogtepunten van de avond waren beslist:
– Roel van Velzen en diverse andere artiesten met Bohemian Rhapsody;
– Armin van Buuren, Guus Meeuwis & Mr. Probz met Sunny Days;
– Armin van Buuren en Kensington met Sorry;
– Alles wat ik nu even vergeten ben; de indrukken worden nog steeds druk verwerkt.

Het verplichte rondje Hollandse hits kwam uiteraard ook langs, samen met Limburgse hits trouwens. Dit was voor het vermaek ende jolijt van het gepeupel en voldeed nou precies aan het beeld dat ik bij dit evenement had. De tijd dat dit in beslag nam was prima gedoseerd en zelfs voor deze drammert prima uit te houden.

Het beeld dat ik bij ‘De Vrienden van Amstel LIVE!’ had bleek dus “nogal” kortzichtig. Het was een fantastische avond en ik schaam ik me zeer zeker niet voor deze conclusie.
Wat is het toch enorm spijtig en verdrietig dat onze zoon en zijn vriendin hier niet bij konden zijn; wat ontzettend lief dat onze dochter en haar vriend de ‘ouwelui’ mee hebben gevraagd.
VVAL2018

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , | Een reactie plaatsen

Kriebel in de keel.

Er zijn op dit moment weer veel hoestende mensen, waaronder een collega. Vanaf mijn werkplek hoorde ik een luid geblaf, dat vanuit het aangrenzende kantoor afkomstig bleek te zijn. Nu werk ik niet bij een multinational met enorme kantoortuinen, maar een bescheiden hoestje zou ik beslist niet hebben vernomen. In dit geval had ik er zelfs wakker van kunnen schrikken, ware het niet dat je bij ons op het werk sowieso geen oog dicht doet.
“Het gaat wel goed hè?”, riep ik richting de herrieschopster. Ze bevestigde mijn vraag, zij het met een wat benepen stem.

Even later sprak ze in de kantine over haar vervelende hoest: “Het kriebelt in de hals, net achter het kuiltje waar bij een man een strottenhoofd zit.” Nu zit daar bij een vrouw overigens ook een strottenhoofd, maar daar heb ik haar maar niet mee vermoeid.
Haar geliefde bleek ook aan het hoesten te zijn geweest, dus ze had het vermoeden dat hij de veroorzaker weleens zou kunnen zijn. “Misschien komt het wel van tongen.”, gaf ze al lachend als mogelijke verklaring.

Ik zag het op één of andere manier nog niet geheel voor me. “Dan moet hij wel een erg lange tong hebben.”, gaf ik daarom vertwijfeld aan. Je komt immers niet zomaar met het puntje van je tong op de plek achter dat kuiltje in de hals, nietwaar?
Ze keek me even een tikkeltje verbaasd aan, herpakte zich en verried dat hij inderdaad niet zo een lange tong heeft. Raar, waarom kriebelt het dan?

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , | 2 reacties

Het boek is bijna uit.

In het revalidatiecentrum zag ik een oude man. Hij zat in een rolstoel en was zo te zien halfzijdig verlamd, aan de linkerzijde. Bovendien was zijn gezicht aan de linkerzijde bont en blauw; het gevolg van een val, zo zou later blijken. Hij rolde onze kant op, waar we met mijn moeder zaten.

“Is dat jullie moeder?”, vroeg hij.
“Ze is mijn moeder.”, antwoordde ik.
“Ik ben hartstikke doof ook nog.”, reageerde de man, waarop ik nogmaals mijn antwoord gaf, maar nu met een wat luidere stem.
“Ze is een dappere vrouw.”, vond de man.
“Volgens mij zijn jullie allemaal dapper.”, liet ik hem weten. Hij liet zijn hoofd moedeloos zakken en zei even later: “Ik niet.”

Ik vroeg hem hoe lang hij al in het revalidatiecentrum zat. Dat bleek al sinds september het geval te zijn. “Ik kom er niet meer levend uit, want ik ben ongeneeslijk ziek.”, vertelde hij.
“Van een vriendin van mijn dochter heb ik drie boeken gekregen. In een gekke bui heb ik haar beloofd dat ik ze alle drie nog uit zal lezen.”, zei hij en vervolgde, na een indringende stilte: “Dit is de derde.” Hij wees daarbij naar het boek dat voor hem lag. “Ik heb er moeite mee om deze uit te lezen.” Hij keek me met een droef gezicht aan.
Ik werd er stil van en zei even later dat ik me dat voor kon stellen.

“Het is een geweldige schrijver; het boek is echt een aanrader.”, herpakte hij zich.
Ik zag dat het boek geschreven was door Alexander McCall Smith en de Nederlandse titel ‘Het volle leven’ mee had gekregen. Er stond een olifant op de kaft.

Het leek bijna surrealistisch, gezien zijn gesteldheid.
‘Het volle leven.’, met op de voorkant een olifant. “Een olifant met een lange snuit.”, dacht ik. Na het lezen van de laatste pagina zou het wel eens ‘Het voltooide leven’ voor de man kunnen zijn.
Het volle leven

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

De Baron.

Mijn opa, de vader van mijn vader, werd in 1908 geboren. Het duurde vervolgens nog geruime tijd voordat ik hem zelf mocht leren kennen.
Gedurende mijn eerste lustrum, gaf ik hem de naam ‘opa Brommer’. Hij had namelijk een bromfiets, maar die link had je waarschijnlijk al gelegd.
De naam van opa Brommer veranderde jaren later in ‘opa Brombeer’. Niet omdat hij een beer had, maar omdat hij nog wel eens een beetje kon brommen (mopperen). Mijn vrouw zegt nog wel eens dat ik op hem lijk, maar dat vind ik raar; ik heb namelijk helemaal geen brommer.
Brommer
In de crisisjaren, de jaren voor de Tweede Wereldoorlog, had het gezin het niet breed. Opa kwam zelfs zonder werk te zitten. De Bosvijver in Stadspark Berg & Bos is in die periode met veel bloed en zweet – tranen kenden mannen toen nog niet – gegraven door mannen vanuit de werkverschaffing. Een van die mannen was mijn opa en alleen al om die reden ben ik verknocht aan die vijver.

Mijn opa was stratenmaker. Een verhaal dat hij nog wel eens vertelde, gaat over de keer dat de opzichter vroeg wie er op een stoomwals kon rijden. Opa gaf direct aan dat hij dat kon, maar vertelde er wijselijk niet bij dat hij nog nooit op zo’n ding had gereden. Ik zag het helemaal voor me, mijn opa op een echte stoomwals! Hij kon het later met veel plezier navertellen, dus het zal wel goed zijn afgelopen.

Zelf herinner ik me nog goed dat hij aan de Kayersdijk in Apeldoorn werkte, die keurig van klinkers werd voorzien. Het was eind jaren ’60. Die straat lag vlak achter het vier verdiepingen flatje (nog zonder douche, maar mét lavet!) waar wij destijds woonden. Ik kon opa dus zomaar vanuit ons huis zien werken en vond dat als klein ventje wel indrukwekkend.
In 1989 is opa begonnen met het plaveien van de weg naar de hemelpoort, dus die zal er ondertussen wel keurig bij liggen.

Afgelopen zaterdag was mijn oom samen met zijn vrouw bij de nieuwjaarsreceptie van Vereniging Oud Apeldoorn. Ze raakten in gesprek met een oudere man, die naar aanleiding van onze achternaam vroeg of er toevallig een familielid was die stratenmaker was geweest bij Gemeente Apeldoorn. Mijn oom bevestigde dat die man zijn vader was.
De man vertelde dat hij door hem was opgeleid en dat hij hem als een zeer vakkundig man had leren kennen, die zijn vak uitstekend verstond en kon overbrengen. Dat het een vakman was, dat was voor mijn oom geen verrassing. Zijn vader stond bekend om zijn kwaliteiten en wat hij deed, dat deed hij goed.
De man vertelde een voor ons nog een onbekend feitje. De leerlingen hadden een bijnaam voor hun leermeester: De Baron. Dit vanwege zijn statige houding en vakmanschap, aldus de man.
Het zou mij overigens niet verwonderen als de zware stem van mijn opa ook nog een rol in die bijnaam heeft gespeeld; dat was bij mijn keuze voor ‘opa Brombeer’ zeker het geval.

Mijn oom weet dat ik zijn passie voor erfgoed en het opschrijven van dit soort verhalen met hem deel, dus al snel kwam zijn relaas mij tot mijn grote genoegen onder ogen.

Ik ben nog in het trotse bezit van een aantal eigendommen van mijn opa, waaronder zijn gemeentepet en een straatmakershamer. De pet draagt hij op een foto die tijdens zijn werk is gemaakt. Zal die man ook op deze foto staan?
De Baron
GemeentepetDeBaron

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

Aporte hond.

Honden zijn gek op apporteren, dat weet iedereen. Er bestaat echter een hond die er een wat aparte variant op heeft bedacht.

De vrouw van mijn neef is tot het selecte groepje van vijftigplussers binnen onze familie toegetreden. Dat werd gisteravond voor familie en vrienden gevierd, waardoor ik op dit moment nog wat meer moeite heb om de juiste woorden te vinden dan anders.
Als neven en nichten nemen we kersverse vijftigers altijd mee voor een hapje en een drankje, voorafgegaan door een activiteit. Deze keer werd dat voornemen wereldkundig gemaakt door een kaart in een mandje met wat lullige spulletjes, zoals krulspelden, 4711 doekjes, een regenkapje en een witte XXL-HEMA-onderbroek waar ze met gemak vier keer in zou passen. Alles wat de moderne vrouw nodig heeft zullen we maar zeggen.

De hond des huizes, een shih tzu, is de rust zelve. Hij wandelde rustig langs de aanwezigen. Zoals je van een hond verwacht, liep hij soms rond met een speeltje in de bek. Het speeltje werd door één van de aanwezigen aangepakt toen hij binnen handbereik was gekomen, het vloog een eindje door de lucht, om vervolgens een paar meter verder ter aarde te storten. De hond liep er heen, echter op z’n dooie gemakkie. Hij pakte het speeltje en….bleef op die plek liggen.

Deze hond apporteert niet op de traditionele wijze, maar verwacht dat er iemand naar hem toekomt om het speeltje af te pakken en weg te gooien. Je zou hem als een hond die met z’n tijd meegaat kunnen bestempelen, want ook veel (jonge) mensen verwachten dat alles op een presenteerblaadje wordt aangereikt. Ik stelde voor om de hond maar gewoon met speeltje en al door de lucht te werpen, maar voor dit idee bleek geen draagvlak te bestaan.

Zoals gezegd zat er in de felicitatiemand een flink exemplaar onderbroek, waarmee de hond wat later op de avond in z’n bek liep. Toen hij bij mij in de buurt kwam, deed ik zijn kop door het gat van de onderbroek, waar normaal gesproken een been doorheen gaat. Ondertussen had hij de broek nog stevig in zijn bek geklemd.
Veel honden beginnen wat eigenaardig te draaien als ze iets over zich heen krijgen gedrapeerd, zo niet deze hond. Hij liep onverstoorbaar door, als ware hij als spookje verkleed voor Halloween.

Je zou hem al met al een wat aporte hond kunnen noemen.

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , | 1 reactie

Goeie shit ouwe.

Voor onze kwartaalmeeting was ik samen met drie oud collega’s in de kroeg; het nieuwe kwartaal was immers al tien dagen oud. We eten dan een hapje, drinken er wat bij en kletsen over van alles en nog wat. Zo’n avond vliegt voorbij.

Het wil op zo’n avond nog wel eens gebeuren dat ik even moet plassen; niets menselijks is mij vreemd. Ik liep naar het toilet, waar één urinoir bleek te zijn voorzien van een vuilniszak. Over de andere hing een jongeman met zijn van een petje voorziene hoofd tegen de muur.
Toen hij klaar was, draaide hij zich om en zei vriendelijk: “Goedenavond meneer.”

Terug bij ons tafeltje vertelde ik dit, quasi verontwaardigd over het feit dat hij mij minimaal voor een oudere jongere aan leek te zien. Zo kwamen we op het onderwerp ‘ouder worden’ en concludeerden dat leeftijdsgrenzen, zoals de grens van 30, 40 en 50, niet merkbaar bestaan. Wij hadden er volgens onszelf althans (mentaal) geen last van ondervonden.

De Guinness deed haar werk en even later moest ik wederom plassen. Toevallig stond een tafelgenoot gelijktijdig op; ik wist het urinoir te bemachtigen en hij moest het toilethokje in.
Direct na ons kwam een jongeman binnen, die net als voorgenoemde jongeling van een petje was voorzien. Hij zag dat het linker urinoir door een zak was bezet en het rechter door mij. Ik hoopte maar dat hij ons niet dezelfde kwalificatie zou geven.
Hij duwde de deur van het toilet open en zag dat deze ook bezet was.
“Tja, dan houdt díe zak er ook nog één bezet.”, zei ik tegen hem en knikte richting de vuilniszak.
“Ik kan wel even wachten hoor.”, antwoordde hij rustig.

Ondertussen was ik klaar, zei nog wat tegen mijn oud collega en liep naar de uitgang. Toen ik de jongen passeerde zei hij tegen mij: “Goeie shit ouwe!”
Waar het precies op sloeg was mij niet duidelijk en ik heb het hem ook maar niet gevraagd.

Terug bij de tafel biechtte ik dit ook maar op en er werd hartelijk om (uit)gelachen. De getuige die dit vanachter de deur had meegekregen kwam ondertussen met een enorm brede lach terug en herhaalde deels de woorden van de jongen: “Hé ouwe!” Daarna lachte hij er ook nog hartelijk, zelfs een tikkeltje hatelijk, om. Tssss, dat zou ik andersom nooit hebben gedaan.
Of wacht eens….toch wel.

Wat zeiden wij kort daarvoor ook alweer over die leeftijdsgrenzen? Zucht….kutventjes. ;-)

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , | 1 reactie