Moederdag aan zee

Het is vandaag moederdag. Mijn moeder hebben we van de week al bezocht en een vervroegd moederdagpresentje bezorgt. Om onze kinderen een welverdiend dagje rust te bezorgen ben ik vandaag met hun moeder op stap gegaan. Het hoogtepunt zou een wandeling van Egmond aan Zee naar Bergen aan Zee en vise versa worden.

Buienradar beloofde voor vandaag rondom Egmond aan Zee hoofdzakelijk droog weer en zonneschijn, af een toe een buitje én een gevoelstemperatuur van een graatje of twintig. Nou, dat zijn wij de laatste tijd niet gewend geweest! Vol goede moed had ik dus mijn korte broek aangeschoten plus een poloshirt om het geheel af te maken.

De wandeling richting Bergen aan Zee liepen we over het strand. Al snel kon ik constateren dat er slechts een enkeling net zo luchtig gekleed was als ik; het merendeel droeg een lange broek en had zelfs een jas aan. Tot mijn opluchting liep ik niet te blauwbekken, waarvoor ik aanvankelijk toch even vreesde toen ik mensen zag lopen alsof elk moment een sneeuwbui kon vallen. Het bleek gelukkig bijzonder aangenaam en voor het eerst sinds weken zat er niet zo’n stiekeme koude stroming in de wind.
Al naar gelang wij Bergen aan Zee naderden brak het zonnetje meer en meer door, totdat het boven zee steeds heviger begon te rommelen en er samengepakte dreigende wolken richting het strand dreven. Wat grote spetters begonnen te vallen, mijn vrouw trok haar jas aan en trok de capuchon over haar hoofd. Stiekem begon ik te overwegen om mijn paraplu uit mijn rugzak te plukken, maar het spetteren werd al snel minder en de zon brak weer door.


Bij het keerpunt van onze wandeltocht zochten we een terrasje op, waar – doemdenker als ik kan zijn – tot mijn verwondering een tafeltje vrij was, zodat wij alras van een lekker kopje koffie en een welverdiend appelgebakje mét slagroom konden genieten.

De weg terug besloten wij door het duingebied te lopen. Het eerste stuk liep over een fietspad, maar wat verderop sloegen we een zandpad in. Vonden wij, als bewoners van de Veluwe, de tocht over het strand al prachtig, door dit duingebied was het werkelijk waar fantastisch. De verscheidenheid aan begroeiing, de hoge duinen waar we tussendoor en overheen liepen, de vele vogels, konijnen en insecten. Zelfs het pimpelpaarse poepvlindertje zagen we enkele malen. Hoe het echt heet weet ik niet, maar het was een heel klein opvallend gekleurd vlindertje dat veelal zat op….je raad het al hè?
De temperatuur liep flink op en ik was oprecht blij met mijn kledingkeuze.

Grote grazers hadden wij nog niet gezien zo constateerden we, waarna wij al snel op onze wenken werden bediend. Een kudde paarden en Schotse hooglanders bij een vennetje; wat een prachtig gezicht!
Wij besloten bij dit vennetje neer te strijken om een pistolet te nuttigen; het is immers moederdag. Toen we ons broodje achter de kiezen hadden zag ik dat een deel van de kudde paarden langzaam onze kant op kwam. Nu heb ik nogal respect voor paarden, dus ik stelde voor om verder te lopen.


‘Sjonge, wat is het hier warm.’, zei ik geheel overbodig, want mijn vrouw had deze conclusie ook al getrokken. Slechts enkele minuten later hoorden wij een zwaar gerommel en trokken er donkere wolken over ons heen. Het was een mooi gezicht en het onweer was imposant zo tussen de duinen, maar de regen die begon te vallen hoefde voor ons nou niet direct. Het pad dat wij volgden liep een stuk bos in dat er moerasachtig uit zag, maar het voelde beter dan in de open vlakte. Daar stonden we onder onze paraplu’s in de stromende regen. Koud was het gelukkig niet en ik kreeg het al snel warmer toen ik een Schotse hooglander stier, dat zag ik aan zijn doedelzak, met zijn enorme horens net het pad zag kiezen dat wij net hadden gevolgd. Ook hij vond het blijkbaar een prima plekje om te schuilen. Net als bij de naderende kudde paarden stelde ik maar voor om verder te lopen, want ook voor deze grote jongen wist ik het nodige respect op te brengen.

De regen ging al snel weer over in een stralende zon en ik voelde de huid op mijn gezicht lichtjes gloeien. Zo ploegden wij verder door stukken mul zand en werden nogmaals overvallen door een korte maar hevige donderbui.

Het was goed dat wij de parapluutjes bij ons hadden gestoken, maar om een jas heb ik geen moment getaald. Wat een heerlijke wandeling is het geworden; een kleine vijftien kilometer waar wij beiden oprecht van hebben genoten. Kijk ik nu in de spiegel, dan zie ik nog steeds rode blosjes op mijn wangen én zelfs rood op mijn voorhoofd. Of zal die rode kleur, zoals ook op mijn armen zichtbaar is, niet van de opwinding van deze mooie dag komen?

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Eigen koffie smaakt het lekkerst hè

Ze werkt in de zorg en legt huisbezoeken af. Zo kwam ze in een fraai statig huis, waar een oude dame woont.

‘Wilt u koffie’, vroeg de dame dusdanig vriendelijk dat afslaan eigenlijk al geen optie meer was. Ze moest even onderzocht worden. Haar urine van de vorige avond en deze morgen moest ze bewaren en zou na dit bezoek worden meegenomen.

‘Waar heeft u de urine?’, vroeg de verpleegkundige.
‘In die twee kopjes daar.’ De vrouw wees naar twee kopjes, die naast het koffieapparaat stonden, geflankeerd door een maatbekertje waarin zich een wat wazige vloeistof leek te bevinden.
‘Wat zit er in die maatbeker dan?’, vroeg de zuster, zoals verpleegkundigen nog vaak door ouderen worden genoemd.
‘O, gewoon wat water.’, verklaarde de dame. Het viel de zuster nu pas op dat ze wel erg dikke brillenglazen had en bovendien wat warrig over kwam.

De koffie was ingeschonken en stond te dampen op tafel. Zuster pakte haar kopje, zette het voorzichtig aan haar mond, nam een nipje en vond dat de koffie een eigenaardige smaak had.
‘Eigen koffie smaakt het lekkerst hè.’, merkte de vrouw op, alsof de duvel ermee speelde, en bovendien meer als constatering dan als vraag.
‘Nou, zeg dat wel.’, dacht zusterlief, bevestigde toch maar wat de dame beweerde, en dronk slokje na slokje door. Uiteindelijk was ze opgelucht dat het kopje, overigens sterk gelijkend op de twee kopjes op het aanrecht, leeg was. De kopjes op het aanrecht waren gelukkig nog gevuld, dus de vrouw had zich daarin niet vergist. Maar, wat zal er in die maatbeker hebben gezeten? Zou ze daarmee het koffieapparaat vullen? Waar zal ze in geplast hebben? Vast niet direct in de kopjes. Het hoofd van de zuster stroomde over van oppoppende vragen. Onderwijl voelde ze zich lichtelijk misselijk worden en ze nam zo snel als het ging afscheid van de vrouw.

De rest van de dag voelde ze zich enigszins onpasselijk, zelfs nog toen de echte misselijkheid was weggeëbd. Wat zat er in die maatbeker? Wat deed ze met die vloeistof? Het duurde lang voordat ze die vragen kon verdringen.

Dit verhaal kwam mij zojuist uit eerste hand ter ore. Zal ze aan de opgehaalde herinnering toch weer enig misselijkheidsgevoel over hebben gehouden? Ik heb het niet gevraagd, maar wel waar zich dit leed heeft afgespeeld. Het speelde zich af in Oene; hoe kan het ook anders zou ik bijna toevoegen.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Tuylermarkerpad

Vorig jaar hebben wij, eindelijk, de klompenpaden ontdekt. De eerste was Boereneschpad, tijdens onze vakantie in Markelo.
De smaak te pakken hebbend liepen we Kopermolenpad, Fliertpad, Klarenbeeksepad, Ugcheler Markepad en vandaag Tuylermarkerpad; allen niet ver van onze woonplaats Apeldoorn gelegen. Zonder uitzondering hebben wij deze routes met veel plezier gewandeld en ervan genoten. Ieder pad heeft weer z’n eigen kenmerken dat het de moeite van het wandelen waard maakt.

Vanmorgen togen wij naar Terwolde, zochten even naar het eerste paaltje dat het klompenpad markeert en begonnen vol goede moed aan onze wandeling. Het weer was enigszins wisselvallig, maar op een paar spettertjes na bleef het droog. Wist de zon door het wolkendek heen te dringen dan was de temperatuur zeer aangenaam en gingen de jassen los. Verschool de zon zich, dan koelde het direct flink af, gingen de jassen tot bovenaan dicht en was de deze lente almaar aanhoudende kille temperatuur in het behoorlijk stevige briesje goed voelbaar.

We constateerden tot ons plezier al snel dat de route hoofdzakelijk over onverharde paden langs weilanden liep. Fraaie landschappen wisselden elkaar af. De akkers vers geploegd, de bloesem aan de bomen, volop veldbloemen in het gras, net ontloken blaadjes aan de bomen, nog zo heerlijk fris en lichtgroen.

De gehele route bestaat uit twee rondes, zo min of meer een 8 vormend. Bij het gemaal Mr. AC Baron van der Feltz aangekomen ontdekten wij dat we het tweede rondje van de 8 hadden gemist. We stonden al te twijfelen bij een bordje dat drie kanten op wees en kozen daar de verkeerde afslag. Het kan geen kwaad om een afbeelding van de route bij de hand te hebben, of even een blik te werpen op de Klompenpaden-app.
Maar, geen man overboord hoor. We liepen langs de Bandijk richting het gemiste deel, en dat is langs dat stuk van de IJssel beslist geen straf. Met een lusje extra kwamen wij met ruim dertien kilometer op de teller terug bij het beginpunt, dus een kilometer of twee meer dan de beoogde elf kilometer. Zullen wij dat maar gewoon het kersje op de taart noemen?

Dit pad is nu echt een klompenpad zoals ik me een klompenpad voorstel. Grotendeels onverhard, veel langs de rand van weilanden, afwisselende landschappen, genieten van de uitzichten over de IJssel met een enorme variëteit aan vogels. Het was een welbesteed begin van onze zondag.
Samengevat: een klompenpad zoals een klompenpad moet zijn.

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , | Een reactie plaatsen

Koningsdag 2021

Koningsdag 2021 hebben wij gevierd bij familie, van rond 16:00 uur tot om en nabij 21:45 uur.
Alhoewel bij mijn weten op deze dag nog steeds het advies luidde om met ten hoogste één persoon op bezoek te gaan, hebben wij dat aan onze spreekwoordelijke laarzen gelapt en zijn toch met z’n tweeën gegaan. Zo waren we met vier personen en dat was na de best wel als lang aanvoelende lockdown toch weer eens een verademing. Al die tijd hebben wij de regeltjes nagenoeg tot op de letter nageleefd, maar nu voelden we de sterke behoefte tot een beetje burgerlijke ongehoorzaamheid.

Goedpraten ga ik het niet, maar wij waren in ieder geval niet vier van de duizenden mensen die in parken of op andere openbare plekken samenheulden, hutje op mutje. Alhoewel ik niet ga beweren dat wij de anderhalve meter het gehele samenzijn streng hebben nageleefd, durf ik wel te zeggen dat dit toch nagenoeg de hele middag en avond het geval is geweest en zelfs op een onbewaakt moment zijn we niet dichter dan zo’n halve meter van elkaar gekomen. In die zin is het een beetje vergelijkbaar met het vrijen met een condoom dat over datum is; waarschijnlijk gaat het goed, maar je loopt een risico.

Tot ruim 19:00 uur hebben we heerlijk buiten kunnen zitten, waarna we vanwege de oprukkende schaduw naar binnen gingen. Normaal gesproken zouden we eerder op de middag zijn gekomen en rond 19:00 uur alweer thuis zijn geweest, maar nu hadden we afgesproken om samen naar The Streamers te kijken. Op voorhand baalden we er al wel wat van dat we voor het eind van dit evenement weg zouden moeten, om voor de avondklok thuis te zijn.

The Streamers begon wederom wat moeizaam, maar het werd een gezellige uitzending. Rond 21:30 uur hadden wij ons al gereed moeten maken voor vertrek, zodat we uiterlijk om 21:45 uur op de fiets zouden zitten en dan precies voor de avondklok de deur thuis achter ons dicht konden trekken. Je zal het natuurlijk zien, volgens mij deden ze het er gewoon om, net om die tijd was een blok met mooie nummers. Eind van het liedje was dat wij pas nadat de wijzer op tien voor tien had gestaan de jassen aantrokken, op de fiets sprongen en er flink de sokken in zetten. Mijn eega is wat minder getraind in fietsen dan ik, dus ik reed al gauw met een hevig hijgend medemens naast me, die ik een handje besloot te helpen. Ondertussen viel het ons wel op dat er meer mensen onderweg waren, die bijna stuk voor stuk flink de vaart erin hadden. Zo tussen vijf en tien minuten over het hele uur arriveerden we bij huis, zonder kleerscheuren, enigszins warm gelopen, en niet aangehouden door de vrienden met de pet die ons allemaal past.

Heel eerlijk kreeg ik gaandeweg The Streamers steeds meer de neiging om pas na afloop te vertrekken. Tot hoe laat de uitzending heeft geduurd weet ik niet eens, maar het zal al gauw 22:30 uur zijn geweest schat ik voorzichtig in. Deze wat recalcitrante gedachte kwam mede voort vanuit het feit dat het concert plaatsvond bij het koninklijk gezin thuis op de binnenplaats. Die konden er tot aan het eind plezier aan beleven, terwijl wij onderweg waren en thuis niet verder konden kijken; dit ondanks het gegeven dat we juist de verjaardag van de man des huizes aldaar vierden. Toegegeven, zij waren in tegenstelling tot ons gewoon thuis, maar wel gezellig met z’n vijven.

Hoe groot zou het risico op een bekeuring zijn geweest? Bij een loterij val ik buiten de prijzen, maar ik was daarentegen wel de allereerste persoon in heel Nederland met een bekeuring voor het fietsen op een fietspad met een speed pedelec. Ik ben wat dat betreft dus zo’n persoon die van geluk nog eens onder de trein loopt.
We hebben het risico maar niet genomen om juist de laatste avond van de avondklok toch een bekeuring te riskeren. Een beetje chagrijnig gevoel vanwege het eigenlijk te late, maar toch te vroege vertrek kon me niet ontzegt worden. Was de uitzending vanaf ongeveer kwart voor tien nog leuk?

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , | 1 reactie

Paasbest

Mijn kledingkast – ja ja sinds de kinderen de deur uit zijn heb ik ook een eigen kledingkast – wordt deels gevuld door een tweetal pullovers. Ze zijn als nieuw, met name vanwege het feit dat ik de ene één keer en de andere nog nooit heb gedragen. Waarom heb je ze dan kan je je afvragen, en dat is best een goede vraag.

Maar, het is vandaag tweede paasdag en ik zag ineens het licht; de wederopstanding van één van de pullovers. Vanmorgen bezochten we mijn schoonvader, vanmiddag mijn moeder en ik besloot me daarom min of meer op mijn paasbest uit te dossen.
De pullover die ik koos was donkerblauw, maar in de kast met wat minder lichtval leek hij zelfs blauwachtig-donkergrijs. Geheel zelfstandig koos ik na enig twijfelen een overhemd; onder een pullover hoort namelijk ook nog wat, want anders is het geen pullover natuurlijk. Het werd, ook in hetzelfde wat flauwe licht, een donkerblauw overhemd met witte bolletjes; de hoeveelheid blauw en wit zijn volgens mijn schatting ongeveer gelijk. Na wat gepruts om de pullover netjes over het overhemd te krijgen, zonder draaien om het lijf of armen en niet raar zittend om de hals, begaf ik me naar beneden.

‘Wat een leuke combinatie.’, complimenteerde mijn vrouw.
‘Speciaal voor Pasen aangetrokken.’, zei ik trots.
‘Heb je die groene blouse eronder gedaan?’ Ineens kreeg ik zo’n idee dat het niet geheel de keuze was die zij zou maken; de grond zakte nog net niet onder mijn voeten vandaan.
‘Groene blouse? Het is trouwens een overhemd.’, probeerde ik mijn hachje enigszins te redden. Ik keek eens goed en zag dat het inderdaad donkergroen was in plaats van donkerblauw om de witte bolletjes heen. Bovendien zaten er hele kleine kriebeltjes van dezelfde kleur in de witte bolletjes; speels zal ik het maar noemen.
‘O ja, het is groen.’, gaf ik ruiterlijk toe: ‘Niet goed?’
‘Leuk hoor, ik zeg er niets van.’, zei ze enthousiast. Quasi enthousiast wil ik het nog net niet noemen, maar het is toch de toon die de muziek maakt hè.
‘Welnee! Alleen dat de combinatie niet goed is.’, concludeerde ik.
‘Had ook die blouse met de fietsjes onder gekund, maar met dat blauw van de trui valt het groen van de blouse niet zo op.’, besloot ze.
Met: ‘Blauw van de pullover en groen van het overhemd.’, had ik uiterst strijdvaardig het laatste woord, alhoewel ik toch een beetje aanvoelde hoe Petrus zich moest voelen toen hij Jezus verloochende.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Een vriendelijke openingszin

Dat ze op haar werk zat wist ik, en dat was nou net niet het moment van de dag waarop ik haar zou willen storen. Maar ik had echt een prangende vraag, die ook voor haar van belang was.
Nu had ik de keus om haar mobiel te bellen, waarbij ik de kans dat ze die direct op zou nemen niet bijster groot achtte. Het bedrijf waar ze werkt heeft een vast nummer waarvan ik zeker wist dat zij die op zou nemen. De stoute schoenen aangetrokken besloot ik te bellen.

Het bedrijf waar ze werkzaam is heeft veel buitenlandse contacten, waaronder vaak Russische. Om haar even op scherp te zetten zette ik een vriendelijk zinnetje in Google Translate, vertaalde het en liet de volgende tekst uitspreken toen ze opnam: ‘Добрый день с Юрием, я говорю с названием компании?’

Nu ben ik helemaal niet te beroerd om zelf iets te zeggen, maar ten eerste wilde ik niet dat ze mijn stem direct zou herkennen en bovendien is mijn Russische uitspraak niet helemaal je van het.

Het was een moment stil eer ze reageerde. Voordat ze het eerste woord geheel had uitgesproken zei ik: ‘Hoi met mij.’ Dit kon ik al bijna niet zeggen zonder in lachen uit te barsten, want gedurende de korte stilte en haar eerste lettergreep wist ik gewoon wat ze zo ongeveer dacht, en dat zijn eigenlijk geen woorden die ik nu uit moet spreken; dat doe ik dus ook maar niet.

Wederom was het kort stil, gevolgd door een weifelend: ‘Henk, ben jij dat?’ Wow, zo kende ik haar bijna niet. Met een lach bevestigde ik haar vraag, zei dat ik haar verder niet te lang van haar werk wilde houden, maar dat ik een prangende vraag had die ik dan ook snel stelde. Het antwoord volgde rap, waarop we het gesprek konden beëindigen.
Voordat we het contact verbraken bekende ze: ‘Ik dacht verdomme, kut Chinees.’ Ze bleek het erg druk te hebben toen de telefoon voor de zoveelste keer ging en toen kreeg ze als klap op de vuurpijl ook nog zo’n volslagen onverstaanbaar mens aan de telefoon.
Heel vriendelijk heb ik nog wel even uit de doeken gedaan dat dit geen taal is die ik van een dame verwacht, en dat het bovendien Russisch was in plaats van Chinees. Wat betreft mijn vermoeden wat zij had gedacht zat ik er qua toonzetting in ieder niet heel ver naast.

Het zinnetje luidt in wat meer leesbare vorm: Dobryy den’ s Yuriyem, ya govoryu s nazvaniyem kompanii?
Vertaald in het Nederlands is dat gewoon een vriendelijke begroeting, gevolgd door een vraag: Goedemiddag met Yuri, spreek ik met Bedrijfsnaam?

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Paddentrek

Donderdagavond liep ik weer eens een fijn rondje hard, samen met mijn dochter. Het was die avond lekker loopweer, kortebroekenweer zelfs.

Toen ik vanaf de woning van onze dochter terug naar huis liep, zag ik drie wat oudere mensen – nóg ouder dan ik – met zaklantaarns langs de kant van de weg speuren. Dichterbij gekomen bleek dat ze tevens voorzien waren van emmertjes.
‘De paddentrek?’, vroeg ik, waarop bevestigend werd geantwoord. Vervolgens volgde een enthousiast verhaal, de mededeling dat ik me ook aan kan melden en als afsluiting de toch wat sneu klinkende mededeling dat ze er nog geen één hadden gevonden.

Na een compliment voor hun goede werk en het toewensen van succes hiermee, zette ik de vaart er weer wat in. Na enkele tientallen meters ontwaarde ik iets midden op de straat. Eerst zag ik het aan voor een blad, maar het bleek een sportieve pad met een lui padje op haar rug.
Ik riep die mensen. Ze waren helemaal enthousiast dat ze niet met lege handen huiswaarts hoefden te keren. Voor de duidelijkheid: ze namen de gevonden padden niet mee naar huis als avondmaaltje, maar zetten ze uit op een veilig plekje.

Wederom enkele tientallen meters verder kruiste weer een pad mijn pad, die ik heb opgepakt en een lift terug naar één van de nog lege emmertjes gaf.
Bij de volgende poging door te lopen zat er na ongeveer eenzelfde afstand wederom iets op de straat, maar kwam eveneens een auto als tegenligger aanrijden. Met een behoorlijk versnelde pas was ik net eerder bij de plek waar inderdaad weer een pad met een lifter op de rug zat. Ik gebaarde naar de automobilist, die vrolijk met zijn mobiel in de weer bleek, bukte net voor zijn bumper en pakte het romantische stelletje op.
Gelukkig was de auto tijdig tot stilstand gekomen. De bestuurder had zijn aandacht losgerukt van zijn mobiel en keek uiterst verbaasd toen ik precies voor zijn grille opstond, naar het raampje liep dat hij al naar beneden liet zakken, en mijn handen opende.
Dit duo padden heb ik maar aan de andere kant van de weg gezet, in het gras niet ver van het water. Na iets verderop nogmaals een pad van de straat te hebben geplukt kon ik eindelijk zonder onderbrekingen huiswaarts lopen.

Zo bleek ik al met al in korte tijd toch wat meer succes te hebben met het spotten van padden dan de speurneuzen die echt op zoek waren naar deze mooie diertjes.

Hedenmorgen besloot ik een ander rondje te lopen. Qua weer was er weinig goeds voorspelt, maar dapper liet het zonnetje haar gezicht zo nu en dan door het grijze wolkendek zien, de stevige wind voerde een winters temperatuurtje mee én het bleef – behalve op mijn rug – droog. Lekker loopweer, waarbij zelfs nog net in de korte broek gelopen kon worden. Net thuisgekomen barstte overigens een fikse regen- en hagelbui los, dus de timing bleek perfect.

Op deze route heb ik wederom menige pad gezien, maar die waren ongelukkigerwijs – laat ik het maar zo uitdrukken – niet geholpen de straat over te steken. Helaas sneuvelen er jaarlijks vele padden, terwijl ze juist op weg zijn met de intentie om nieuw leven te scheppen.

Geplaatst in Uncategorized | 5 reacties

Ruik je dat?

Vandaag hadden we een vrijdagmiddagborrel met ons team; vanzelfsprekend een virtuele borrel. Het was de eerste teamborrel van dit jaar. Sterker nog, de eerste sinds een jaar!
Deze borrel was om te vieren dat we precies een jaar thuis werken. Donderdagmiddag 12 maart 2020 verlieten we voor de laatste keer onze kantoorruimte, nog niet wetende dat vrijdag 13 maart onze eerste thuiswerkdag zou zijn. Het vieren van dit feit mag je overigens best een tikkeltje cynisch opvatten.

We waren nog maar met een paar aanwezigen in de sessie; de vroege vogels. Het positieve was dat we elkaar goed op borrelniveau konden vinden, ook al werd er nog geen druppel gedronken.
‘Ruik je dat?’, vroeg ik, waarbij ik mijn wijsvinger naast mijn neus hield.
Ze keken mij enigszins verbaasd aan, waarna ze tot mijn verbazing echt begonnen te snuiven. ‘Wat ruik je dan?’, vroegen ze bijna in koor.
‘Bitterballen.’, zei ik: ‘Wie van jullie heeft de pan aan staan?’
Alhoewel je dat eigenlijk niet echt kan zien met die verschillende schermpjes, leek het alsof ze elkaar aankeken wie de pan aan had staan.

Bijzonder om te zien dat mensen gewoon gaan ruiken en rondkijken, terwijl ze slechts virtueel bij elkaar zitten en bovendien in verschillende woonplaatsen resideren.

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Een frisse start

Hedenmorgen, rond de klok van zeven. Het is drie graden in de serre; dezelfde temperatuur als in een koelkast, maar toch wat warmer dan de iets onder nul aan de andere kant van het glas met een nóg wat lagere gevoelstemperatuur. De droge, warme en zachte handdoek heb ik over het kamerschermpje in de serre gehangen, samen met een schone onderbroek.

In de keuken ontkleed ik me tot op de gedragen onderbroek na en dan stap ik de serre in. Dit geeft een beetje het gevoel van het moment voor de sprong in een niet al te warm zwembad.
Onder de douche is het behaaglijk warm, in de verder frisse omgeving. Een vogel vliegt nieuwsgierig over de douchecabine zonder dakje, ziet wellicht iets voor een piertje aan, en de serre vult zich snel met waterdamp terwijl ik niet eens zo heel warm douche.

De warmte is na het stoppen van de waterstraal snel verdwenen. De zojuist warme en zachte handdoek blijkt ook al de warmte kwijtgeraakt en voelt zelfs wat harder; is dat wellicht mijn verbeelding? Het is in ieder geval een heerlijk frisse start van de laatste werkdag voor het weekend.
Een buitendouche bij de badkamerverbouwing; het is een ervaring.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Begin maar met tellen

Daar zat ik op een klein stoeltje, hoofd schuin omhoog en een leuke jongedame met een lang stokje in de hand voor me staand. ‘Begint u maar met tellen.’, zei ze vriendelijk. Die opdracht had ik niet direct verwacht.

‘Eén, twee’, begon ik en het stokje verdween in mijn neus. ‘Vier, vijf’, het stokje bleef maar dieper gaan.
Omdat ik ooit aan mijn neusschotje ben geopereerd, waarvan ik voor de operatie dacht dat deze gewoon in je neus zit, maar die zich juist grotendeels achter de neus blijkt te bevinden tot aan de schedelbasis, wist ik hoe diep die holte is.
Het kriebelde wat, maar verder vond ik het niet vervelend. ‘Zes, zzz……’ Hè? Ik wist wel dat zeven kwam, maar ik kon het tot mijn verbazing ineens niet uitspreken.

‘Mooi!’,  zei de jongedame duidelijk wat enthousiaster dan dat ik op dat moment was. Ze draaide het stokje een beetje heen en weer, waarna ze het behoedzaam terug begon te trekken. ‘Zeven.’, zei ik.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen